Bevindingen Symposium Moedig Toezicht in het Onderwijs 1 december 2016.

 

Ron Bormans zag vooral dat er veranderende maatschappelijke ontwikkelingen zijn waar de bestuurder zich toe moet verhouden. “Als gevolg van een aantal maatschappelijke ontwikkelingen zijn er een tweetal bewegingen aan het ontstaan in het hoger onderwijs. Enerzijds is er een hang naar decentralisatie met horizontale structuren, dat een trekkracht organiseert naar beneden. Aan de andere kant is er in de maatschappelijke context sprake van angst, dat zorgt voor een beweging naar boven van protocollering en standaardisering.  Je ziet dus dat er een trekkracht plaatsvindt naar beneden en naar boven.”

Volgens de voorzitter van Hogeschool Rotterdam zorgt deze ontwikkeling ervoor dat de professionals zich los gaan bewegen van de onderwijsinstelling. “Je ziet in het hoger onderwijs dat de professional langzaamaan aan zijn ketens begint te rammelen. Die wil niet onderdeel zijn van een grote anonieme bureaucratische organisatie.” Bormans vroeg zich openlijk af of dit was waar de Maagdenhuisbezetting over ging. “Als je daar dwars doorheen kijkt dan zie je kenmerken van die brede maatschappelijke ontwikkeling.”

Bormans wijst daarbij naar de ‘professionals governance’ die Kees Boele, voorzitter van de HAN onlangs introduceerde. “Bij deze veranderingen in het hoger onderwijs gaat het niet om professionele governance, maar professional ‘s’ governance, zoals Kees Boele dat noemt. Daarbij zie je een zekere afkeer van de instituties en van de overwoekering van het bureaucratische systeem.” 

Ron Bormans wees bij systeemdwang expliciet naar de prestatieafspraken hoewel hij het dat onderwerp liever zei te vermijden. “Bij die systeemdwang ga ik het niet over prestatieafspraken hebben, dat is een gevoelig issue, maar in mijn ogen zie je daar de discrepantie tussen de echte werkelijkheid van een klaslokaal en de systeemdwang die leidt tot dit soort uitkomsten. Hier spreekt geen gefrustreerde bestuurder, maar boos ben ik wel.”

De bestuurder als hitteschild

Bormans had ook nog een oproep aan de toezichthouders. Laat toch vooral ook een keer los: “Het toezicht en het bestuur voelen dat die trekkracht soms omhoog is en soms naar beneden gaat. Ik wil graag de trekkracht naar beneden zijn, omdat ik denk dat het nodig is voor de kwaliteitsstap in het hbo. Daarbij is er toenemende mate van versterking van de professionals, die niet werken vanuit de instructie, maar die werken vanuit hun professionele autonomie. Bestuurders moeten het hitteschild durven zijn voor de mensen die professioneel durven zijn. Dan kom je op een manier van werken terecht die niet meer te vatten is in protocollering. Iemand zal dit moeten gaan doen in het onderwijsbestuur.”

Gert Biesta hield de toezichthouders voor dat hij vooral angst ziet in het onderwijs om de boot te missen bij de ontwikkelingen in het onderwijs. “Waar ben je dan bang voor? Om achterop te blijven? Ik zie nog steeds in het onderwijs dat vreemde verlangen om net zo goed te worden als Finland. Als ik vrienden in Finland spreek zeggen die, dat wat er altijd over ons gezegd wordt daar niet te vinden is. Wat ze zoeken bestaat niet in Finland, hooguit in abstracte statistieken.”

Deens onderwijsstelsel is kapot aan het gaan

De onderwijspedagoog vindt het daarom een te smalle kijk op het onderwijs om alleen maar bij de top te willen horen. “Dat verlangen om bij de top te behoren wordt geprojecteerd met een smalle kijk op onderwijskwaliteit. Ik kom vaak in Denemarken en ik zie daar dat een prachtig democratisch en breed onderwijsstelsel kapot aan het gaan is omdat Denemarken de ambitie heeft om het nieuwe Finland te worden.”

Als voorbeeld van de focus op lijstjes noemt Biesta de nationale studenten enquête op zijn universiteit in Londen. “Ons wordt voortdurend verteld: ‘zorg ervoor dat studenten bijblijven, zodat ze hoge scores geven voor onze universiteit, want dan kunnen wij onze universiteit hoog positioneren op de internationale markt voor studenten.’ Je ziet dat er op die manier een hele andere dynamiek in het onderwijs ontstaat.”

Verwende krengen

Het is volgens Biesta daarom belangrijk om de zaken niet om te draaien: niet de leerlingen en studenten moeten bepalen wat goed onderwijs is. “De school en het hoger onderwijs heeft de plicht om weerstand te bieden; dat is ook de titel van een prachtig boek van Philippe Meirieu 'De plicht om weerstand te bieden', dat ook in het Nederlands is vertaald. Die plicht is een heel fundamenteel pedagogisch principe. Als je kinderen altijd maar geeft waar ze om vragen dan worden het ’verwende krengen’. Daarom is weerstand heel belangrijk. Voor mij is dat een groot thema en dé pedagogische opdracht van het onderwijs.”

De onderwijspedagoog wijst er nadrukkelijk op dat de school daarom dan ook niet als winkel moet worden begrepen.  “Wij moeten ons er van bewust zijn dat de school geen winkel is. Een winkel is een plek waar je binnenloopt en zegt: ‘ik wil dit en dit.’ Wat er in een winkel nooit gebeurd als je binnenloopt en je zegt ‘ik wil een tv kopen’ is dat de verkoper zegt: ‘heb je wel een tv nodig, zou je niet veel beter naar een concert gaan of een museumjaarkaart kopen?’ Kortom, als we de school als een winkel gaan gebruiken dan is het enige nog wat wij kunnen doen de verlangens van de leerlingen en studenten accepteren.”

"Bestuurders, beleidsmakers moeten de moed hebben om weerstand te bieden aan onvolwassen verlangens", hield Biesta de bestuurders voor en sloot zich aan bij de oproep van Bormans en zijn hitteschild. “Het verlangen om de nummer 1 in de wereld te worden is een onvolwassen verlangen. Daar moeten we doorheen prikken en zeggen: ‘we hebben een duurzamer verlangen nodig. Daarnaast hebben zij ook moed nodig om het onderwijs te beschermen en te blijven benoemen als een oefenplaats waar dingen mis kunnen gaan. Oefenen en mislukken kost geld en dat is belangrijk. Als wij zeggen: ‘wij willen een nieuwe generatie kansen geven’, dan gaat het dus om moed, omdat het ingaat tegen de snelle economische argumenten.”

Manifest

Aan de hand van een concept bespraken deelnemers het Manifest met de aanwezigen en drie vertegenwoordigers van Blikverruimers. Aan de hand van hun opmerkingen en die van de deelnemers is het Manifest op dit moment vastgesteld en aan de Minister aangeboden worden.   

Hemingway

creating tomorrow's governance