De accountant kan zich niet meer verschuilen

Tijd voor maatschappelijk verantwoord controleren (MVC) is allang aangebroken.

De Controleverklaring-Nieuwe-Stijl in discussie 

Was er aanvankelijk veel enthousiasme dat nu eindelijk de accountant transparant werd in een nieuw accountantsrapport; nu het er op aankomt zien we weer de bekende koudwatervrees ontstaan. Een schadelijk achterhoede gevecht .

Er is een ‘mis-match’ tussen de beroepsgroep en de samenleving over de taakopvatting van accountants en de wijze waarop zij verantwoording afleggen. Er is onvoldoende kwaliteit van de controle in de ogen van de buitenwereld en onvoldoende communicatie over wat de accountant nu werkelijk gedaan heeft. Met als gevolg een groeiende verwachtingskloof en imagoprobleem van de accountant. Gelukkig wordt er door de beroepsgroep zelf (mede geïnspireerd en aangezet door de toezichthouders) veel aan de kwaliteitsverbetering gedaan.

Over het tweede aspect van onvoldoende communicatie is onder leiding van de International Auditing and Assurance Standards Board (IAASB) een innovatieve concept-standaard gepubliceerd. Deze ‘exposure draft’ erkent dat het “binaire” karakter van de verklaring (de jaarrekening laat een getrouw beeld zien óf niet), zonder verdere uitleg of nuance niet meer voldoet. Accountants in Nederland en Engeland anticiperen al op deze nieuwe standaard. Ik noem de accountantsverklaringen bij Sligro, Randstad, TNT, KPN, Corio, Neways, enz. Het gaat daarbij om de zogenaamde Key Audit Matters en de risicofactoren om tot een betrouwbare rapportage te komen. Gedacht kan worden aan continuïteitsvraagstukken, het niet ontdekken door de accountant van fouten en verkeerde schattingen en de overwegingen bij moeilijk te waarderen posten in de jaarrekening.

Natuurlijk was er kritiek op deze ontwikkelingen omdat deze toelichtingen niet gestandaardiseerd kunnen worden en daarom moeilijk te vergelijken zijn en dus niet te toetsen. Ik onderken het belang van deze kritiek. Maar deze kritiek valt in het niet bij het belang om tot een accountsverklaring te komen die meer recht doet aan het huidige krachtenveld onderneming, accountant en maatschappelijke verkeer. De beroepsgroep wijst nog te veel naar de ondernemer. Die moet maar zijn jaarverslag zelf “upgraden” om aan de informatiebehoeften van de buitenwereld te voldoen. De accountant kan dan blijven volstaan met zijn binaire accountantsverklaring.

Al in 2003 n.a.v. de grote bedrijfsfraudes (Enron, Ahold, Parmalat) waren er geluiden uit de beroepsgroep dat de accountants niet langer de kritiek van het maatschappelijk verkeer naast zich neer kon leggen door te wijzen op de door henzelf ontwikkelde theorieën over de grenzen van de accountantscontrole. Sindsdien is er weinig gebeurd, is de accountant blijven steken in zijn quasi wetenschappelijk betoog over de vertrouwelijkheid van de van de ondernemingsleiding verkregen informatie. Gevolg hiervan is dat de discussie over de rol van accountant en de kwaliteit van controle alleen maar is verhevigd met alle reputatieschade van dien; slecht voor de accountants zelf, slecht voor de BV Nederland.

Deze reactie geeft aan dat het ‘autistisch’ gedrag nog steeds leeft met als risico dat de accountant zijn licence to operate verder verliest en dat andere partijen – waaronder de politiek – de beroepsopvatting zal gaan invullen met alle (vaktechnische) problemen van dien.

Mijn standpunt is om voortvarend door te gaan met de implementatie van de IAASB-voorstellen, maar daarnaast ook te kijken naar een verbreding van de accountantsrol ten aanzien van de punten:

  • Het verduidelijken van controlestandaarden op het terrein van continuïteit van de onderneming.
  • Het ontwikkelen van controlestandaarden op het gebied van risicoanalyse en niet-financiële en toekomstgerichte informatie in het jaarverslag.

Op deze twee terreinen is andere expertise nodig; echter zonder dat de accountant zijn regisseursrol gaat verliezen. Hierin ligt onder andere de rechtvaardiging voor brede accountantsfirma’s waarin verschillende professionals met uiteenlopende expertises samenwerken.

De tijd is voorbij dat de accountant alleen maar kijkt naar de ondernemer of bestuurder die zelf maar méér in zijn jaarverslag moet opnemen onder het kopje “maatschappelijk verantwoord ondernemen”. De tijd is voorbij dat de commissaris zich in zijn oordeelsvorming hierover uitsluitend laat leiden door de raad van bestuur. Als opdrachtgever aan de accountant zal hij niet mogen accepteren dat de accountant zich verschuilt achter de ondernemer of bestuurder. De accountant zal zijn ware gezicht moeten laten zien naar de Raad van Commissarissen toe, en daarachter naar het maatschappelijk verkeer.

 

Bart Koolstra RA was partner bij PwC en is momenteel commissaris, bestuursadviseur en verbonden aan Partner in Toezicht.


Hemingway

creating tomorrow's governance